Search

Uitgelicht

Eindejaar 2025 en vooruitzichten 2026 voor de particulier

Eindejaar 2025 en vooruitzichten 2026 voor de particulier

Ook deze keer heeft het Register Belastingadviseurs interessante belastingzaken voor de particulier op een rij gezet met daarbij een aantal eindejaarstips. Heb je hier nog vragen over of opmerkingen? Neem dan contact op met je belastingadviseur bij TopBalance.

1 Voeg aftrekposten samen

Voor bepaalde aftrekbare kosten moet je rekening houden met een inkomensafhankelijke drempel. Dit geldt bijvoorbeeld voor jouw
zorgkosten en de giften aan bepaalde verenigingen en goede doelen die een anbi of steunstichting sbbi zijn. Het kan dan voordelig zijn om kosten of giften naar voren te halen of juist uit te stellen, zodat je maar één keer te maken krijgt met een drempel, in plaats van elk jaar.


Let op!
Er geldt een plafond voor aftrek van giften van 10% van het verzamelinkomen vóór aftrek van de persoonsgebonden aftrekposten. Komen de giften boven dat plafond uit, dan kun je u beter splitsen.


Tip!
Overweeg jouw jaarlijks terugkomende giften om te zetten in een periodieke gift. Er geldt dan geen drempel. Vanaf 2025 geldt daarvoor een maximum van € 1.500.000. Jouw RB kan je daarbij helpen. 


Let op!
Contante giften zijn niet langer aftrekbaar. Betaling per bank is dus noodzakelijk.


2 Denk aan culturele giften
Giften aan culturele instellingen worden voor de giftenaftrek verhoogd met 25%, maar ten hoogste met € 1.250. Vanaf 2023 geldt deze maximale verhoging voor fiscale partners samen. De Belastingdienst gaat in zijn aangiftesystemen tot 2023 al uit van een maximale verhoging van € 1.250 voor partners samen. 


Tip!
De Belastingdienst is in zijn aangiftesystemen tot 2023 al uitgegaan van een maximale verhoging van € 1.250 voor partners samen. Check of 25% van het bedrag van de jaarlijkse giften aan culturele instellingen van jou en jouw partner in de jaren 2020-2022 uitkomt boven die € 1.250. Als dat zo is dan kun je voor die jaren de Belastingdienst alsnog vragen om jouw belastingaanslag te verminderen. Dat kan door een ambtshalve verzoek om vermindering, of als de belastingaanslag korter dan zes weken geleden is opgelegd, door middel van een bezwaarschrift. Doe dit over 2020 wel voor 31 december 2025. Het verzoek moet uiterlijk op 31 december 2025 door de Belastingdienst ontvangen zijn.


3 Betaal premies voor lijfrenten op tijd
Heb je een extra pensioenpotje nodig voor jouw oude dag, dan is een lijfrente misschien een goede optie. Met een lijfrente kun je sparen voor extra inkomen naast of in plaats van pensioen. Je kunt hiervoor gebruik maken van hetzij een lijfrenteverzekering hetzij banksparen. De betaalde premie of inleg mag je aftrekken. Wil je de premies aftrekken in de aangifte inkomstenbelasting 2025, dan moet je de lijfrentepremie of inleg wel vóór 31 december 2025 betalen.


Let op!
De betaalde premie is alleen aftrekbaar als je een pensioentekort hebt. Dit wordt bepaald aan de hand van de jaarruimte en reserveringsruimte. Jouw RB kan bepalen of je een pensioentekort hebt en je informeren of de premie of inleg voor een lijfrente aftrekbaar is.


Tip!
Door nog dit jaar de premie of inleg voor lijfrente te betalen, zijn jouw banktegoeden op 1 januari 2026 lager, waardoor je over 2026 wellicht ook minder belasting in box 3 betaalt. Raadpleeg jouw RB om na te gaan of dit interessant voor je is.


4 Denk aan verzoek om middeling tot en met 2024
Heb je sterk wisselende inkomsten in drie aaneengesloten jaren gehad, dan heb je misschien nog recht op een belastingteruggave. Door het inkomen te middelen – gelijkelijk te verdelen – over die drie jaren, kun je de nadelige werking van het progressieve tarief van de inkomstenbelasting ongedaan maken. Door de middeling wordt de belasting herrekend op basis van het gemiddelde inkomen over die drie jaren. Het verschil tussen de werkelijk geheven belasting en de herrekende belasting na middeling wordt na aftrek van een drempel terugbetaald. Voor 2024 is die drempel € 545. Middeling is alleen mogelijk over het inkomen in box 1. Raadpleeg hiervoor jouw RB.


Tip!
Raadpleeg jouw RB om na te gaan of en over welke jaren middeling voor je interessant is. Je mag elk jaar maar één keer in een middelingsverzoek betrekken. Jouw RB kan ook het verzoek voor je indienen. 


Let op!
Middeling is per 1 januari 2023 afgeschaft. Het laatste tijdvak waarover nog middeling mogelijk is, betreft de jaren 2022, 2023 en 2024. Het verzoek tot middeling moet worden gedaan binnen 36 maanden nadat de laatste aanslag over de drie jaren onherroepelijk vaststaat.


5 Villatax: overleg met uw RB of bezwaar maken zinvol is
Heb je in 2025 een eigen woning met een WOZ-waarde van meer dan € 1.330.000 (2024: € 1.310.000), dan wordt voor de waarde boven dit bedrag een verhoogd eigenwoningforfait van 2,35% in aanmerking genomen. Dit wordt de villatax genoemd. Deze villatax is mogelijk in strijd met het Europese recht. Ontvang je een definitieve aanslag inkomstenbelasting en wordt daarbij de Villatax
in aanmerking genomen? Overleg met jouw RB of bezwaar maken zinvol is! Dit moet binnen 6 weken na dagtekening.


6 Voorkom de (hoge) box 3-heffing
Het heffingvrije vermogen in box 3 is per 1 januari 2025 € 57.684 (per 1 januari 2026 wordt dit verlaagd naar € 51.396!). Fiscale partners betalen tot een vermogen van € 115.368 (2026: € 102.792) geen belasting. Daarboven betaal je 36% belasting over de inkomsten in box 3. De inkomsten in box 3 worden als volgt berekend. Eerst wordt een forfaitair inkomen berekend voor drie vermogenscategorieën: banktegoeden, beleggingen/overige bezittingen en schulden. De forfaitaire percentages voor 2025 voor banktegoeden en schulden worden pas in februari 2026(!) bekend gemaakt. Op basis van voorlopige cijfers bedragen deze forfaits  1,44% voor banktegoeden en 2,62% voor schulden. Het forfaitaire percentage voor beleggingen bedraagt in 2025 5,88% (in 2026 extra verhoogd naar 7,78%). Deze forfaitaire inkomsten worden bij elkaar opgeteld en gedeeld door jouw totale vermogen (rendementspercentage). Dit rendementspercentage vermenigvuldig je met jouw vermogen boven jouw heffingvrije vermogen.  Over de zo berekende inkomsten in box 3, betaal je in 2025 36% (2026: 36%) belasting.

Let op!
Vanaf 1 januari 2023 worden contant geld, aandeel in het VvE-reservefonds en derdengeldenrekening notaris/deurwaarders belast op  grond van het forfaitaire rendement voor banktegoeden.

Tip!
De forfaitaire percentages voor beleggingen zijn hoger dan voor banktegoeden en schulden. Het kan voordelig zijn voor de heffing in box 3 om beleggingen te gebruiken om schulden af te lossen, dan wel na verkoop van beleggingen de opbrengst aan te houden als banktegoed. Doe dit dan wel vóór de peildatum van 1 januari 2026. 

Let op!
In verband met antimisbruikbepalingen moet je een verlaging van de beleggingen in het laatste kwartaal van 2025 ten gunste van jouw banktegoed tenminste drie maanden handhaven. Tenzij je aannemelijk kunt maken dat hieraan zakelijke motieven ten grondslag liggen. Anders worden deze transacties op de peildatum van 1 januari 2026 genegeerd.

Tip!
In 2026 mag je ook kiezen voor belastingheffing op basis van het werkelijk behaalde rendement (zie hierna). Door de stijging van het forfaitaire rendement op overige bezittingen kan dit eerder voordelig uitpakken. 


7 Ga na of toepassing tegenbewijsregeling box 3 voordeel biedt
In de zogenaamde 6-juniarresten van 2024, heeft de Hoge Raad beslist dat het Rechtsherstel box 3 (2017-2022) en de Overbruggingswet box 3 (2023 en verder) niet door de beugel kan. De Hoge Raad vindt dat rechtsherstel geboden moet worden door
aan te sluiten bij het werkelijke rendement. Inmiddels biedt de wet tegenbewijsregeling box 3 hiertoe de mogelijkheid. Het is voordelig
hierop een beroep te doen als het totale werkelijke rendement over het jaar lager is dan het forfaitair bepaald rendement. De rekenregels voor bepaling van het werkelijke rendement zijn gegeven door de Hoge Raad. Ongerealiseerde waardestijgingen behoren bijvoorbeeld ook daartoe en kosten, uitgezonderd rente, zijn niet aftrekbaar. Daarnaast geldt dan geen rekening wordt gehouden met het heffingvrij vermogen. Raadpleeg jouw RB om te bepalen of beroep op de Wet tegenbewijsregeling box 3 voor jou zin heeft! 

Let op!
Het is mogelijk om voor de jaren 2017 tot en met 2027 gebruik te maken van de tegenbewijsregeling. Voor de jaren 2017 tot en met  2020 kan dit alleen als definitieve aanslag op 24 december 2021 nog niet onherroepelijk vaststond én je tijdig bezwaar hebt gemaakt of  tijdig een verzoek om ambtshalve vermindering hebt ingediend. Het is nu nog mogelijk voor het einde van het jaar een ambtshalve  verzoek in te dienen voor het jaar 2020. Een dergelijk verzoek moet namelijk binnen 5 jaar na afloop van het betreffende aangiftejaar  door de Belastingdienst ontvangen zijn. Neem hiervoor contact op met jouw RB.

Om een beroep te doen op de tegenbewijsregeling moet je verplicht het formulier Opgaaf Werkelijk Rendement (OWR) gebruiken. De
Belastingdienst verstuurt sinds juli 2025 gefaseerd brieven om belastingplichtigen per jaar te informeren of het formulier mag worden ingediend. Ontvang je zo’n brief? Neem dan zo snel mogelijk contact op met jouw RB. In sommige gevallen is de reactietermijn namelijk  maar twaalf weken! In bepaalde gevallen is uitstel hiervoor mogelijk.


Tip!
Als het werkelijk rendement in box 3 voor een bepaald jaar hoger is dan het forfaitaire rendement dan hoef je niets te doen en geldt het lagere forfaitaire rendement. Dit is ook het geval als je voor een ander jaar wel kiest voor toepassing van het werkelijke rendement. Je kunt de keuze jaarlijks maken.


8 Kies in 2026 nog voor groene beleggingen
Heb je vermogen in box 3 waarover je inkomstenbelasting moet betalen? Kijk dan ook eens of het voordelig is om te investeren in groene beleggingen. In 2026 geldt namelijk nog een vrijstelling voor groene beleggingen in box 3. Op 1 januari van het jaar  (peildatum) bedraagt in 2026 deze vrijstelling maximaal € 26.715 per persoon (€ 53.430 voor fiscale partners). Overigens bedroeg de vrijstelling voor op 1 januari 2025 aanwezige groene beleggingen € 26.312 per persoon. De heffingskorting voor groene beleggingen bedraagt over 2025 en 2026 in beide jaren slechts 0,1% over de vrijstelling. 


Let op!
De speciale regeling in box 3 voor groene beleggingen zou aanvankelijk per 2027 worden afgeschaft, dat wordt nu 2028. Wel geldt in  2027 nog slechts een vrijstelling van € 200. 


9 Doe grotere privé-uitgaven nog dit jaar!
Als op dit moment jouw vermogen in box 3 meer bedraagt dan het heffingsvrij vermogen en je hebt dit vermogen deels liquide, overweeg dan om nog dit jaar in privé nog een (nieuwe) auto, boot, caravan, juwelen etc. of een nieuwe inboedel voor jouw huis te kopen. Dergelijke bezittingen voor persoonlijk gebruik behoren namelijk niet tot de grondslag voor de vermogensrendementsheffing. Dat betekent dat als je een aankoop voor bijvoorbeeld € 50.000 nog dit jaar afwikkelt, jouw vermogen in box 3 op 1 januari 2026 met € 50.000 is verminderd,  terwijl je de waarde van verkregen auto of inboedel niet in box 3 hoeft aan te geven. Mogelijk blijf je daarmee binnen het belastingvrije  vermogen. Dat bespaart belasting in box 3. Raadpleeg jouw RB voor de mogelijkheden.

10 Los kleine schulden en/of belastingschulden nog dit jaar af
Schulden verlagen de heffingsgrondslag in box 3 alleen voor het bedrag boven de schuldendrempel. Voor 2026 geldt per fiscale partner  waarschijnlijk weer een drempel van ongeveer € 3.800 per persoon. Als jouw vermogen hoog genoeg is dat je belasting in box 3 betaalt en je in totaal een gering bedrag aan schulden hebt die je in box 3 kunt aangeven, dan is het aan te raden deze schulden af te lossen. Door deze kleine schulden voor de peildatum van 1 januari 2026 af te lossen vermindert je jouw belaste banktegoed. En aangezien je die kleine  schuld toch niet kunt aftrekken, mis je ook geen aftrekpost. Openstaande belastingschulden tellen niet mee als schuld in box 3, uitgezonderd erfbelastingschulden. Door de openstaande belastingschulden voor 1 januari 2026 uit jouw privévermogen te betalen,  wordt dit geld niet meer als belast banktegoed in box 3 in 2026 meegenomen.


11 Koop of verkoop eigen woning en de belastingheffing in box 3: vóór of na 31 december 2025?
Als je jouw eigen woning binnenkort gaat verkopen, is het voordelig om de eigendomsoverdracht uit te stellen tot ná de jaarwisseling als je nog geen andere eigen woning hebt gekocht waarvoor je de verkoopopbrengst van jouw huidige woning wilt aanwenden. Als je jouw woning dit jaar nog verkoopt en notarieel levert, behoort de opbrengst tot het vermogen in box 3. Door pas ná de jaarwisseling jouw woning te leveren, blijft deze per 1 januari 2026 buiten aanmerking voor de vermogensrendementsheffing.

Als je een eigen woning wilt gaan kopen en dat huis voor een flink bedrag met eigen vermogen wilt betalen, geldt het omgekeerde. In dat geval gaat jouw vermogen in box 3 over naar box 1, waardoor het juist gunstig is om nog vóór de jaarwisseling de woning te laten leveren.

12 Stel de aankoop van de eerste eigen woning uit tot 2026
Als je dit jaar jouw (eerste) eigen woning gaat kopen, dan kan het voor een starter fiscaal voordelig zijn om de notariële levering naar 2026 uit te stellen. Per 1 januari 2026 wordt namelijk de startersvrijstelling voor de overdrachtsbelasting verhoogd van € 525.000 (2025) naar € 555.000. Indien de aankoop van jouw (eerste) eigen woning tussen € 525.000 en € 555.000 ligt, dan kan de starter met het uitstellen van de notariële levering naar 2026 2% overdrachtsbelasting besparen. Om in aanmerking te komen voor de startersvrijstelling voor de overdrachtsbelasting gelden de volgende voorwaarden:

  • De koper van de eigen woning is tenminste 18 jaar, maar nog geen 35 jaar oud;
  • De totale waarde van de eigen woning bedraagt voor 2025 maximaal € 525.000 (2026: € 555.000);
  • De koper van de eigen woning heeft niet eerder de startersvrijstelling voor de overdrachtsbelasting gebruikt.

De verkrijging van de economische eigendom van een woning is vanaf 2025 niet meer uitgesloten van het 2%-tarief of van de startersvrijstelling. De startersvrijstelling kan maar één keer benut worden. Is bijvoorbeeld bij de verkrijging van de economische eigendom de startersvrijstelling benut, dan kan deze niet opnieuw benut worden bij de latere verkrijging van de juridische eigendom.

Een sleutelovereenkomst wordt vaak gesloten om voorafgaande aan de juridische verkrijging werkzaamheden in de woning te kunnen verrichten. Als hiermee het risico van waardeverandering in enige mate overgaat op de koper, is er sprake van verkrijging van de economische eigendom. Deze verkrijging is belast met overdrachtsbelasting.

Met ingang van 2025 wordt een sleutelovereenkomst niet langer aangemerkt als een verkrijging van de economische eigendom en is deze daardoor niet belast, mits de juridische levering van de woning binnen 6 maanden plaatsvindt en het een woning betreft die valt onder het 2%-tarief of de startersvrijstelling.

Let op!
Voor de startersvrijstelling voor de overdrachtsbelasting is ook vereist dat de koper duidelijk, stellig en zonder voorbehoud schriftelijk verklaart dat hij of zij de eigen woning anders dan tijdelijk als hoofdverblijf gaat gebruiken.


13 Stel aankoop tweede woning uit naar 2026
Ben je van plan om een tweede woning te kopen, bijvoorbeeld een vakantiewoning voor eigen gebruik of voor de verhuur? Probeer de aankoop dan uit te stellen tot 2026. De overdrachtsbelasting wordt namelijk per 1 januari 2026 verlaagd van 10,4% naar 8% voor woningen die niet in eigen gebruik zijn.

Let op!
Voor de aanschaf van andere panden, zoals kantoorpanden of bedrijfspanden blijft in 2026 het tarief van 10,4% gelden.


14 Let op leegwaarderatio bij verhuurde woningen
Als je een woning bezit en deze verhuurt, mag je een correctie op de waarde toepassen vanwege de verhuurde staat, de leegwaarderatio. Deze regeling geldt zowel voor de inkomstenbelasting (box 3) als voor de successiewet. Als aan bepaalde voorwaarden is voldaan wordt de waarde vastgesteld op de WOZ-waarde vermenigvuldigd met de leegwaarderatio. De leegwaarderatio varieert van 73% tot 100% en is afhankelijk van het percentage van de jaarlijkse huur ten opzichte van de WOZ-waarde. Vanaf 2026 wordt bepaald dat indien de huurprijs, onderscheidenlijk pachtprijs, die tussen gelieerde partijen is overeengekomen zodanig is dat deze tussen willekeurige derden niet zou zijn overeengekomen, deze situatie al direct wordt uitgesloten van de toepassing van de leegwaarderatio en de daarbij behorende tabel.


15 Benut de algemene heffingskorting van jouw partner
Wanneer jouw partner geboren is na 31 december 1962, wordt de algemene heffingskorting niet aan de partner uitbetaald als de partner in 2025 geen inkomsten heeft. Laat daarom de algemene heffingskorting van 2025 (€ 3.068) niet liggen en reken een deel van jouw box 3-vermogen toe aan jouw partner. De partner is hierover 36% belasting verschuldigd, welke verrekend kan worden met de algemene heffingskorting van € 3.068. Vraag jouw RB om advies.


16 Maak gebruik van de Inkomensafhankelijke combinatiekorting (IACK)
In 2025 heb je recht op IACK als je arbeidsinkomsten hebt van meer dan € 6.145, je een kind hebt dat jonger is dan 12 jaar en dat tenminste 6 maanden van een kalenderjaar op jouw woonadres staat ingeschreven en als je een partner hebt en jouw arbeidsinkomen is lager dan dat van jouw partner. De IACK bedraagt in 2025 maximaal € 2.986. Co-ouders kunnen onder voorwaarden ook gebruik maken van de IACK, voor hen geldt een aparte regeling. Raadpleeg hiervoor jouw RB.

Let op!
De IACK wordt vanaf 2027 voor alle ouders stapsgewijs afgebouwd. Met als gevolg dat de IACK met ingang van 1 januari 2035 is afgeschaft.


17 Check de voorlopige aanslag inkomstenbelasting 2025
De regels over belastingrente zijn streng. Zeker in vergelijking tot de rente op een spaarrekening is de rente die je aan de Belastingdienst moet betalen erg hoog. Voor alle belastingen geldt vanaf 2025 het tarief van 6,5% (afhankelijk van de ECB-rente), met uitzondering van de vennootschapsbelasting waarvoor 9% (afhankelijk van de ECB-rente) geldt. Je moet dus kritisch zijn op jouw voorlopige aanslag of voorlopige teruggaaf. Controleer jouw voorlopige aanslag of voorlopige teruggaaf inkomstenbelasting 2025. Blijkt dat je over 2025 moet bijbetalen? Vraag dan om een aanpassing van de voorlopige aanslag of voorlopige teruggaaf inkomstenbelasting 2025. Hiermee kun je belastingrente voorkomen. Raadpleeg hiervoor jouw RB.

Tip!
Er lopen momenteel massaal bezwaar procedures tegen het percentage van de belastingrente. Als je daar gebruik van wilt maken, zul je wel eerst een bezwaarschrift moeten (laten) indienen. Voor voorlopige aanslagen moet je eerst een verzoek om herziening indienen. Deze verzoeken lopen niet mee in de massaal bezwaar procedure. Vraag jouw RB.


Let op!
Belastingrente voorkom je door vóór 1 mei 2026 de aangifte inkomstenbelasting over 2025 in te dienen.


18 Denk aan de vermogenstoets toeslagen en eigen bijdrage Wlz.
Als jouw inkomen onder bepaalde grenzen valt, heb je vaak recht op toeslagen en/of verlaging van de eigen bijdrage Wlz. (voor als je in een zorginstelling bent opgenomen). Voor alle toeslagen, behalve de kinderopvangtoeslag, geldt een vermogenstoets. Dit geldt ook voor de eigen bijdrage Wlz, waarbij wordt gekeken naar het vermogen van twee jaar terug. Als jouw vermogen te hoog is, kun je jouw recht op een toeslag of verlaging van de eigen bijdrage verspelen als je daarnaast wel voldoet aan de inkomenseis. Voor het vermogen wordt gekeken naar box 3 en is de toetsingsdatum 1 januari.

Tip!
Als het in verband met de vermogenstoets raadzaam is jouw vermogen per 1 januari 2026 te verlagen, denk dan aan het doen van schenkingen (zie hierna), aflossen van jouw hypotheek voor de eigen woning of geplande, grotere aankopen naar voren te halen.


19 Maak gebruik van de schenkvrijstellingen
De twee bekendste vrijstellingen voor schenkingen aan kinderen zijn de jaarlijkse vrijstelling (van € 6.713 in 2025) én de eenmalig verhoogde vrijstelling (van € 32.195 in 2025). Die verhoogde vrijstelling kan slechts éénmaal worden benut voor een kind dat tussen de 18 en de 40 jaar jong is. Ben je vergeten om jouw zoon of dochter tijdig - vóór hun 40e - een 'grote' vrijgestelde schenking te doen? Als de (huwelijks-)partner van jouw kind nog geen 40 jaar is, dan kun je ook gebruikmaken van deze vrijstelling bij een schenking aan jouw kind. Raadpleeg jouw RB voor de mogelijkheden.

Let op!
Maak je gebruik van de eenmalig verhoogde vrijstelling van € 32.195, dan kun je in latere jaren geen gebruik meer maken van de andere verhoogde vrijstellingen (zie hierna). Heb je voor jouw kind al een keer gebruik gemaakt van een verhoogde vrijstelling schenkbelasting, dan kun je geen gebruik meer maken van deze vrijstelling.

Let op!
Je moet aangifte doen als je gebruik maakt van de eenmalige verhoogde vrijstelling. Maak je alleen gebruik van de jaarlijkse vrijstelling, dan hoef je geen aangifte te doen.


20 Schenk jouw kind € 67.064 belastingvrij voor een dure studie
Ouders kunnen een kind in 2025 eenmalig € 67.064 belastingvrij schenken voor het volgen van een dure studie. Om deze vrijstelling te kunnen benutten, moet aan de volgende voorwaarden worden voldaan:

het kind moet ten tijde van de schenking tussen de 18 en de 40 jaar oud zijn; de schenking moet in één jaar plaatsvinden, tot maximaal € 67.064; het kind moet het bedrag van de schenking gebruiken voor het betalen van de kosten van een studie of een opleiding voor een beroep waarvan de kosten, exclusief kosten van levensonderhoud, minimaal € 20.000 per jaar bedragen; de bestemming van het geschonken bedrag voor de specifieke studie of opleiding en de verwachte kosten van die studie of opleiding moeten in een notariële akte zijn vastgelegd, en het geld moet uiterlijk in het tweede jaar na het jaar van schenking daaraan zijn besteed.

Let op!
Je moet aangifte doen voor de schenkbelasting als je gebruik maakt van deze vrijstelling. Heb je voor dezelfde persoon al eerder gebruik gemaakt van een verhoogde vrijstelling, dan kun je geen gebruik meer maken van deze vrijstelling. Raadpleeg jouw RB.


21 Schenk aan jouw (klein)kind
Voor schenkingen aan kinderen geldt een reguliere jaarlijkse vrijstelling van € 6.713 (bedrag voor 2025) en voor een schenking aan een kleinkind is dat € 2.690.


22 Schenking aan niet-erkend kind
Biologische niet-erkende kinderen krijgen vanaf 2026 voor de schenk- en erfbelasting dezelfde rechten als 'gewone' kinderen. Op deze manier wordt voorkomen dat biologische, niet-erkende kinderen over een schenking of erfenis meer belasting moeten betalen dan gewone kinderen. Deze wetswijziging is het gevolg van een arrest van de Hoge Raad. Biologische niet-erkende kinderen konden de vrijstelling en het lagere tarief al claimen met een beroep op de hardheidsclausule. Dit is vanaf 2026 niet meer nodig, maar wel is vereist dat via een DNA-test wordt aangetoond dat de ontvanger van de gift of erfenis een biologisch kind is van de schenker of erflater.


23 Schenk onder schuldigerkenning
Bij een schenking onder schuldigerkenning schenk je 'op papier' aan de kinderen: je schenkt een som geld en je blijft dat geschonken bedrag schuldig. Daardoor krijg je een schuld aan jouw kinderen. De kinderen krijgen hierdoor een vordering op jou. Die vordering kunnen zij meestal pas opeisen bij het overlijden van de langstlevende ouder. Deze vorm van schenking is goed toepasbaar als je niet voldoende vrije middelen ter beschikking hebt, bijvoorbeeld als het geld vastzit in jouw onderneming of in beleggingen. Overigens heeft een dergelijke schenking wel gevolgen voor box 3. Bij de ouders ontstaat een schuld, bij de kinderen een vordering die tot het vermogen in box 3 wordt gerekend. Raadpleeg jouw RB.

Let op!
Je moet over het schuldig gebleven bedrag jaarlijks een rente van 6% per jaar aan de kinderen betalen. Doe je dat niet, dan worden de kinderen geacht het bedrag van de schenking (plus de te betalen rente) bij overlijden alsnog krachtens erfrecht te hebben verkregen. Zij moeten dan daarover toch nog erfbelasting betalen. Jouw inkomen moet dus wel voldoende zijn om jaarlijks rente te betalen. Daarnaast moet de schenking in beginsel ook notarieel worden vastgelegd.

Let op!
Tijdens de behandeling van het Belastingplan 2026 is door het kabinet de opmerking gemaakt dat indien er uitsluitend een fiscaal motief aan de schenking onder schuldigerkenning ten grondslag ligt, dit onwenselijk is. Het huidige demissionaire kabinet laat het aan een volgend kabinet om hier eventueel maatregelen tegen te nemen. Mogelijk dat schenking onder schuldigerkenning niet meer mogelijk is.


24 Schenking woning aan jouw kinderen
Door het kabinet is voorgesteld om met ingang van 1 januari 2027 voor de schenkbelasting voor het bepalen van de waarde van de woning uit te gaan van de waarde in het economisch verkeer in plaats van de WOZ-waarde, zoals nu nog het geval is. Houd hiermee rekening en neem voor 1 januari 2027 actie indien je nog van de WOZ-waarde gebruik wilt maken bij een belaste schenking. Raadpleeg hiervoor jouw RB.


25 Laat jouw huwelijkse voorwaarden controleren
De keuze voor een bepaald huwelijksgoederenregime wordt vaak bij het aangaan van het huwelijk bewust gemaakt en in de jaren daarna als vaststaand gegeven aanvaard. Door gewijzigde feiten en omstandigheden in de loop van de tijd kan een ander huwelijksgoederenregime veel gunstiger zijn dan de oorspronkelijk gekozen regeling. Een periodieke heroverweging is daarom aan te bevelen, met name bij verandering in de gezins- of familiesituatie of bij een aanzienlijke vermogensstijging of -daling.

Let op!
Het wijzigen of aangaan van huwelijkse voorwaarden moet via de notaris gebeuren.


26 Let op bij ongelijke breukdelengemeenschap
Een ongelijke breukdelengemeenschap is een afspraak tussen echtgenoten waarbij het gemeenschappelijk vermogen niet gelijk wordt verdeeld (dus niet 50/50), maar in ongelijke delen, bijvoorbeeld 90% voor de ene en 10% voor de andere. Deze afspraak kon fiscale voordelen opleveren bij overlijden of echtscheiding. Dit werd als een manier gezien om vermogen fiscaal gunstiger over te dragen, met name als één partner verwacht werd eerder te overlijden. Bij overlijden zou dan bijvoorbeeld maar 10% van de gemeenschap belastingplichtig zijn voor de erfbelasting. De wetgever vindt een dergelijke constructie niet wenselijk en heeft nu het volgende bepaald. Bij een huwelijksgoederengemeenschap met ongelijke breukdelen wordt hetgeen aan een echtgenoot bij ontbinding (bij overlijden dan wel scheiding) van de huwelijksgoederengemeenschap meer toekomt dan de helft van die gemeenschap, belast met erf- of schenkbelasting. Dit geldt ook in het geval van een finaal of periodiek verrekenbeding waarbij vermogen of inkomen wordt verrekend op grond van een ongelijke gerechtigdheid tot dat vermogen of inkomen.

Let op!
De maatregel is niet van toepassing in geval van huwelijkse voorwaarden waarin reeds een ongelijke breukdelengemeenschap of een verrekenbeding met ongelijke breukdelen is overeengekomen voor 16 september 2025, 16:00 uur. Als de betreffende echtgenoten na dat tijdstip hun huwelijkse voorwaarden wijzigen in die zin dat het aandeel in de huwelijksgoederengemeenschap of het te verrekenen vermogen verandert, dan verliezen zij hun aanspraak op het overgangsrecht en gaat met ingang van 1 januari 2026 de nieuwe regelgeving gelden.


27 Voer het verrekenbeding uit van jouw huwelijkse voorwaarden
Ben je op huwelijkse voorwaarden getrouwd en is er in jouw huwelijksvoorwaarden een verrekenbeding opgenomen? Vergeet dan niet de verrekening met jouw echtgenoot op te stellen. Als verrekening (over een reeks van jaren) achterwege is gebleven, dan kan dat bij overlijden of echtscheiding tot hoogst onaangename gevolgen leiden. Vaak wordt dan namelijk bij overlijden of echtscheiding aangenomen dat de partners in gemeenschap van goederen waren gehuwd.

Tip!
Heb je jarenlang verzuimd het periodiek verrekenbeding na te leven, neem dan contact op met jouw RB. Dergelijke verrekenbedingen moeten zo snel mogelijk worden 'hersteld'. Met behulp van een vaststellingsovereenkomst en wijziging van de verrekening kunnen de bedoelingen van partijen alsnog worden gerealiseerd.




 

Print

En verder ...

Eindejaar 2025 en een blik op 2026 voor alle ondernemers

Eindejaar 2025 en een blik op 2026 voor alle ondernemers

Het Register Belastingadviseurs heeft voor jou, als ondernemer, nuttige tips en aandachtspunten op een rij gezet. Heb je nog vragen of opmerkingen? Neem dan contact op met TopBalance en vraag naar jouw RB adviseur.
 

Eindejaar 2025 en vooruitzichten 2026 voor de particulier

Eindejaar 2025 en vooruitzichten 2026 voor de particulier

Ook deze keer heeft het Register Belastingadviseurs interessante belastingzaken voor de particulier op een rij gezet met daarbij een aantal eindejaarstips. Heb je hier nog vragen over of opmerkingen? Neem dan contact op met je belastingadviseur bij TopBalance.

Eindejaar 2025 en vooruitzichten 2026 voor ondernemen in een rechtspersoon

Eindejaar 2025 en vooruitzichten 2026 voor ondernemen in een rechtspersoon

Ben je ondernemer en ook directeur-grootaandeelhouder? Dan vind je hier een aan aantal nuttige tips en aandachtspunten op een rij gezet. Heb je nog vragen of opmerkingen? Neem dan contact op met TopBalance en vraag naar jouw RB adviseur.

Eindejaar 2025 en een blik op 2026 voor IB-ondernemers

Eindejaar 2025 en een blik op 2026 voor IB-ondernemers

Voor de ondernemer voor de inkomstenbelasting hebben we nog wat tips en informatie aangaande wijzigingen die in 2026 ingaan. Deze zijn zorgvuldig opgesteld door Bureau Vaktechniek van het Register Belastingadviseurs.

Copyright TopBalance 2021-2026 Gebruiksovereenkomst Privacybeleid
Back To Top